Hoe kaalheid te behandelen en te voorkomen
De klassieke mannelijke kaalheid openbaart zich vanzelfsprekend door een verhoogd verlies van hoofdharen. Normaal gesproken groeit een haar op het hoofd gedurende een periode van gemiddeld 2 tot 6 jaar (groeiperiode), daarna heeft het haar een rustperiode waarin het niet groeit van 2 tot 4 maanden, en vervolgens valt het haar uit.
Een nieuwe haar begint dan op die plaats te groeien, etc. De haren op het hoofd bevinden zich in verschillende fasen (groeifase , rustfase en uitvalfase ) en dus vallen iedere dag wel haren uit. Dit zijn er circa 100 per dag. Maar, wanneer iemand meer dan 100 haren per dag verliest, betekent dit nog niet dat er sprake is van klassieke mannelijke kaalheid. Een tijdelijk verhoogd verlies van hoofdharen kan bijvoorbeeld ook ontstaan nadat een (eiwit-beperkt) dieet is gevolgd.
Hoe is kaalheid te behandelen?
Alopecia androgenetica is een natuurlijk, continu en persoonsgebonden proces. Of en hoe men de verschijnselen hiervan wil bestrijden, is afhankelijk van de mate waarin de kaalheid optreed, de leeftijd en de psychische belasting die men hiervan ervaart.
Afhankelijk van de persoonlijke voorkeur bestaan er verschillende methoden om de klassieke mannelijke kaalheid te behandelen, gericht op:
- het voorkomen van een verdere toename van kaalheid
- het bestrijden van reeds opgetreden kaalheid
- het camoufleren van reeds opgetreden kaalheid.
Hoe is kaalheid te voorkomen?
Er zijn een aantal middelen op de markt die gericht zijn op het voorkomen van een verdere toename van kaalheid. Zij werken op basis van twee principes:
- stimulering van het haarwortelzakje zodat er weer haargroei optreedt
- verlenging van de haargroeicyclus door remming van DHT-productie in de haarwortelzakjes
Medicamenten op basis van minoxidil kunnen haargroei tot gevolg hebben.
Ook met haartransplantatie bestaat de mogelijkheid om bij een verminderde beharing of een kale huid blijvend haargroei te ontwikkelen. Het principe van haartransplantaties is dat het getransplanteerde haarwortelzakje zich net zo gedraagt als op de plaats van herkomst (meestal de hoofdhuid aan de achterzijde van de schedel). Haarwortelzakjes die van de laatst overgebleven hoefijzervormige rand van haar afkomstig zijn (zie ook 3.1) zullen op de nieuwe plaats opnieuw haar gaan vormen.